Na de de eerste bezichtiging van ons huis in 2006 riep ik heel hard: “die WC gaat er als eerste uit!” Spuuglelijk, met die tegels maar tot de helft en ook nog dat afschuwelijke randje. Om nog maar te zwijgen over de kleur. “Vanille, want dat past zo mooi bij de keuken.” zei de verkopende partij nog. Gewoon beige hoor, wat mij betreft. En de keuken was gewoon geel, mensen. Je weet wel, van dat eind jaren negentig populair magnoliageel 🤮
Maar ja, als je net een huis koopt, kun je nou eenmaal niet alles tegelijk aanpakken. Tenminste, niet zonder onbeperkt budget. En daarnaast hoor je van iedereen: “een eigen huis is nooit af”. Ik dacht bij mezelf “dat zullen we nog wel eens zien…”
Ons huis had toen we het kochten een heel hoog truttigheidsgehalte en is er geklust a la Buurman & Buurman (“Hoe ken dat nou weer?!”). We hebben zoveel lijken in de kast en onder de zoden gevonden, dat ik tegenwoordig nergens meer van sta te kijken. Wit was nooit echt wit, maar seniorenwit, zo’n RAL 9000-nog-wat kleur maar niet wit-wit. Inmiddels zijn we twintig jaar en vele verbouwings- en klusprojectjes verder. Met 2017 als absoluut dieptepunt.
Lees hier De Bouwmarkt Blog uit 2007
Even een korte terugblik voor als je me toen nog niet volgde:
2007 (als we net de sleutel krijgen): een vaatwasser en een grindvloer zijn de absolute must voordat we erin trekken
2009: nu gaan we dat gat van die stomme vijver dichtgooien – waar de vorige bewoner voor vertrek ook al enig puin in had gestort, merkten we later
2010: huis klaar, nu kunnen we trouwen
2011: huisje, tuintje… babykamer
2014: laten we van de zolder een werk- en speelkamer maken
2017: we zijn uitgekeken op die grindvloer (niet kindproof)… and we all know what happened next. Laten we dan ook de keuken meteen doen, nu toch de hele benedenverdieping al in puin ligt (behalve de WC…)
Dat ik beter kan schrijven dan ook maar een poging doen om iets in elkaar te zetten, kun je lezen in mijn wekelijkse blogupdates uit die tijd. Deze vind je in mijn eerste boek “K*t. Nu ben ik blogger (met een boek).”
IK. WIL. NOOIT. MEER. VERBOUWEN.

2018: er stond ook nog een nieuwe badkamer op de planning, die vanwege ground zero beneden even was uitgesteld
2019: na een volledig verbouwde binnenkant, kan de buitenkant niet achterblijven, dus: al die vreselijke borders eruit, kunstgras erin en een nieuw terras met overkapping. Net op tijd klaar voor de communie!
2020/21: Stijn een nieuwe kamer en babykamer wordt weer werkkamer met een extra grote kledingkast. We werken immers veel meer thuis nu.
Anno 2025 zit die ordinaire, lelijke beige WC er nog steeds. Met telkens een nieuwe bril in een kleur die het net niet is, omdat die natuurlijk nergens meer te vinden is. “Ik wil nu eerst op vakantie” dacht en zei ik steevast, als het gesprek weer eens de kant op ging van “wat zullen we nu eens aanpakken?” Na twintig jaar wéét ik wat er allemaal mis kan gaan en ben ik bij ieder potentieel nieuw project extreem op mijn hoede. Nog meer dan de vorige keer. Met een walm Stress Away om me heen waar menig bouwbakker niet goed van wordt. En dan nog onderschat ik het elke keer weer.

Dan zit je gezellig in zo’n showroom mooie tegels en accessoires uit te zoeken, zonder enig besef (ik dan) wat er nog meer bij komt kijken. Ik spreek die taal gewoon niet. Deden we in het begin nog heel veel zelf, tegenwoordig hebben we de luxe dat we het kunnen láten doen. Dus ik denk “ik doe de deur open, geef de goede man koffie en de tekening, en kan zelf lekker verder werken op zolder.” Nuh-uh. Als er gesloopt wordt, Steef, moet er afgeplakt worden. Of je moet zin hebben om elke dag de hele hut te dweilen als ie klaar is. En daar heeft Steef geen zin in. Maar in afplakken eigenlijk ook niet.
Waar ik ook lichtelijk allergisch op reageer is de zin “als we toch bezig zijn, kunnen we net zo goed…”
Daarom duurde project zolder ruim een jaar. Daarom kwam er ineens vloerverwarming bij, aangezien de woonkamer toch al in puin lag. En deden we de keuken er ook maar meteen bij.


Twee jaar geleden wilde ik alleen maar een nieuwe bank en we zouden er een nieuw behangetje achter plakken. Slechts één muurtje. Maar laten we dan ook meteen het plafond opnieuw doen. En ja, dan natuurlijk ook de muren. We moeten immers toch alles afdekken. Elke keer zie ik mijn geest weer kruipen en elke denk ik “f*ck my life! F*CK! MY! LIFE!” als ik weer met mijn haren in de klem en mijn allercharmantste outfit over de grond kruip met afplaktape.
Maar wie zei “we kunnen net zo goed meteen de gang wit sausen, zodat die er ook eindelijk wit-wit uit ziet…”?? Ach ja, in ieder geval heb ik twintig jaar na mijn legendarische uitspraak eindelijk een nieuwe WC. Nu is ons huis écht klaar. Haha.




